Kampina


Eemland


Met behulp van de Fysisch geografische eenheden kaart kunnen we het ontstaan van Eemland en haar omgeving beter begrijpen. Eemland maakt deel uit van het glaciale bekken dat in de voorlaatste ijstijd (Saalien 150.000 jaar gleden) is uitgeschuurd door gletsjertongen van het landijs. Die stuwden aan weerszijden van het bekken stuwwallen op. De afzettingen die daarna in de tussenijstijd, het Eemien, gevormd zijn, staan niet op het kaartje omdat ze niet meer aan het oppervlak liggen. In de laatst ijstijd (Weichselien) is een dik pakket zand als een deken over het bestaande landschap neergelegd. Langs de stuwwallen staan de gordeldekzanden en wat verder weg ook dekzandvlaktes aangegeven. Plaatselijk komen ook dekzandruggen voor. In de laatste 10.000 jaar, gedurende het Holoceen, vindt er in Eemland op grote schaal veengroei plaats. Tussen de veeneilanden door worstelt zich de Eem een weg naar het noorden. Langs de Eem zijn vanuit de voormalige Zuiderzee jonge zeekleigonden afgezet. Bij het doorbreken van de dijken van de Zuiderzee zijn tijdens overstromingen herhaaldelijk kleilaagjes op het veen afgezet. De gevolgen van de overstromingen zijn op het kaartje als overslaggronden herkenbaar.

> Lees meer

Kampina

25 februari 2011
Dit verhaal vormt het slot van een drieluik over de vennen nabij Oisterwijk (zie ook Oisterwijkse Vennen dl 1 en dl 2).

Op de hoogtekaart (van laag naar hoog: blauw groen geel bruin) staan de gebruikte fotopunten afgebeeld. Het overheersende beeld is ook hier dat van zuidwest noordoost gerichte uitgeblazen laagten. Aan de oostelijke uiteinden is zand uit de uitgeblazen laagten neergelegd als landduinen. Na vorming van een ondoorlatende ondergrond, bijvoorbeeld door het ontstaan van een podsolbodem, stagneert het water in de laagten. Onder zuurstofarme omstandigheden kan veenvorming plaatsvinden. In de loop der tijd is dat veen regelmatig gewonnen als brandstof.




Hoogtekaart met fotopunten

De fotopunten 1 en 2 liggen bij het Belversven. Dat is een ven met een duidelijk afwijkend formaat en ook de orientatie (zuid noord) wijkt af van het algemene patroon (zuidwest noordoost). De hogere gronden die de hoogtekaart toont aan de oostzijde van het ven zijn ook duidelijk op de foto te zien.

De afwijkende vorm en orientatie heeft mensen aan het denken gezet. Hoewel er weinig onderzoeksgegevens beschikbaar zijn heeft men het idee dat we hier te maken hebben met een restant van een zuidnoord lopend smeltwaterdal, dat aan het einde van het Weichselien door dekzandvorming zijn loop heeft moeten verleggen. De drooggevallen laagte is toen door westelijk winden verder uitgeblazen, waardoor er aan de oostzijde extra zand geaccumuleerd is.




Het Belversven gezien vanuit het zuidwesten

Door beheersmaatregelen is het relief aangetast. Mogelijk is de rug later nog wat extra door verstuiving geaccentueerd, maar de podsolverschijnselen wijzen op een hogere ouderdom.




De oostzijde van het Belversven.

De hoogtekaart toont dat ten oosten van het Belversven een hogere rug van zuidoost naar noordwest loopt (met de punten 3 en 4). Juist ten oosten van dit ruggetje ligt een aantal vennetjes op een rij. Deze vennetjes vallen allemaal snel droog, zoals deze foto uit mei duidelijk maakt.




Sommige vennen vallen snel droog

Hier ben ik bij punt 4. Ik sta boven op de rug en kijk naar het oosten. Zoals gezegd drogen deze vennetjes hier al vroeg in het seizoen op.




Zicht vanaf de rug naar het oosten

Als we naar de andere kant, het westen, kijken zien we het Brandven. Dat ligt bovenop de dekzandrug en bevat volop water. Sommigen zien in dit enigszins ronde ven een pingoruine. Gegevens over de diepte van het water inclusief eventuele gyttja of veen ontbreken echter. Ook is niet bekend waar de gehele randrug uit bestaat. Daarom is enige voorzichtigheid geboden. Als we op de hoogtekaart kijken kunnen we net zo goed concluderen dat het een uitgeblazen laagte tussen de armen van een paraboolduin is. Er is namelijk weliswaar rond het hele ven een randrug aanwezig, maar aan de westelijke zijde is de rug wat lager. Onder onze voeten ligt nog wat stuifzand bovenop het dekzand.

Iets ten noorden van punt 3 (zie hoogtekaart) is een vergelijkbaar patroon te zien van een vennetje in een paraboolduin.




Zicht vanaf de rug naar het westen

Zoals gezegd is er aan de westzijde van het Brandven ook een randrug aanwezig, ook al is de rug wat lager als elders langs dit ven.




Blik op het Brandven vanuit het westen

We gaan verder naar punt 5. Hier is een overvloed aan waterplanten zichtbaar.




Volop waterplanten

Bij de Oisterwijkse Vennen is al vermeld dat op diverse plaatsen beheersmaatregelen zijn genomen, zoals bijvoorbeeld het uitbaggeren van het Van Esschenven en het Voorste Goorven in 1995. Ook op de Kampina is men druk bezig. Hier zien we bij het Kogelvangersven (fotopunt 6) dat de oevers flink aangepakt worden.




Beheersmaatregelen bij het Kogelvangersven

Aan de oostzijde van het Kogelvangersven zijn de landduinen zichtbaar die ongetwijfeld verantwoordelijk zijn voor de naamgeving van dit ven. Bij het bekijken van de hoogtekaart kunnen we ons goed voorstellen dat de laagten (de huidige vennen) nog eens flink uitgeblazen zijn, waarbij de westelijke winden aan de oostzijde een flink complex van landduinen hebben neergelegd.




De kogelvangers

Hier zijn we bij fotopunt 7, de Huisvennen. Een dergelijke naam geeft aan dat de inwoners hier indertijd hun veen wonnen om over brandstof te kunnen beschikken. We zouden kunnen zeggen dat de oude ontginners het beheerswerk en daardoor de natuur als onbedoeld bijproduct realiseerden. Nu is er ook veenvorming maar wordt het veen niet meer door arme omwonenden weggehaald en moet Natuurmonumenten zelf aan de slag.




De Huisvennen

Bij het Ganzenven (fotopunt 8) kun je van achter een schutting door een kijkspleet vogels bekijken.




Vogels kijken bij het Ganzenven

In een gebied als de Kampina of de Oisterwijkse Bossen en Vennen hebben we de neiging van ven tot ven te lopen. In het terrein zijn echter ook nog wel typische hoogteverschillen te zien zoals hier bij punt 9. (zie ook de hoogtekaart).




Hoogteverschillen onderweg

Bronnen:

Afbeeldingen:
BOHO-team.
AHN kaart: Provincie Noord-Brabant


Literatuur:
Hoogendoorn, W., Weertz, J&E. 2009 Kampina & Oisterwijkse Bossen en Vennen. Grondboor & Hamer jrg 63, 2009 nr 6, p 167 tm 172
Hoogendoorn, W., Zwerfsteneneiland Maarn en andere aardkundige monumenten. KNNV Uitgeverij 2006
Lezing 11 van de Stichting Vrienden van het Zwerfsteneneiland


Spaarnwoude


Net ten oosten van Haarlem ligt de gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude. Op de kaart is een scherpe overgang te zien tussen stad en platteland. Als we rijden op de Lage Dijk, bij punt 1 op de kaart, zien we in het oosten Spaarnwoude liggen.

Temidden van enkele gebouwen rijst de Stompe Toren op.

> Lees meer