De Bol


Oisterwijkse Vennen dl 2


In de voorgaande afbeelding loopt de Rosep in het midden door een laagte naar het noorden. Links liggen de Oisterwijkse Vennen en rechts de Kampina.
We kijken onder naar een uitsnede. De getallen geven een paar fotopunten aan.
Op de brede en lange dekzandrug blijken met dezelfde orientatie smallere ruggen voor te komen met daar tussenin uitgestoven laagten. De laagten worden veelal omgrensd door lage ruggetjes, maar in het verlengde van de laagten, met andere woorden aan de oostzijde, liggen de hogere verstoven stuifzandduinen. De ruggen en ruggetjes zijn veelal in de laatste periode van de laatste ijstijd (Weichselien) gevormd. De duintjes zijn, gezien het regelmatig ontbreken van dikkere podsolprofielen, over het algemeen van recentere ouderdom.

> Lees meer

De Bol






In het zuidwesten van de provincie Utrecht zijn in de uiterwaarden van de Lek enkele prachtige aardkundige fenomenen in de vorm van rivierduinen op een voormalig eiland en een getijdekreek te herkennen. De getijdekreek is prima van af de winterdijk te zien. Bij een bezoek aan de rivierduinen moet rekening gehouden worden met de hoogte van het rivierwater in verband met de begaanbaarheid van de strekdam. Prachtig zijn op deze foto ook de copeontginningen in de Lopikerwaard te zien, maar daar gaat het ons nu niet om.






Wanneer we nog even in de lucht blijven en verder naar het westen kijken dan zien we binnendijks hoe dicht de boerderijen van Willige Langerak hier tegen de winterdijk gelegen zijn. Aan de rivierzijde van de winterdijk, de buitendijkse zijde, liggen allemaal kleiputten. Die getuigen nog van het regelmatige dijkonderhoud dat met de klei uit deze putjes gepleegd is. In de verte lijkt al weer een eiland zichtbaar.






Ook hier zien we weer een soort kreek te zijn tussen de winterdijk en een eiland. Het eiland heeft een kaarsrechte grens met het water aan de rivierzijde. Op het eerste gezicht lijkt het dus alsof bij de Bol en hier bij de Lekwaard twee eilanden gelegen zijn die door kreken of geulen van de winterdijk gescheiden zijn en door dammen aan de uiterwaarden zijn vastgemaakt.






Vergelijking van enkele kaarten (1a 1837; 1b 1889; 1c 1989) verheldert het beeld. In het verleden was de verhouding tussen waterafvoer en transportlast (zand, grind, klei) niet altijd hetzelfde. Kaart 1a toont dat er een zandplaat in de rivier ligt en dat die zelfs een eigen naam ‘ De Bol’ heeft. Kaart 1b toont dat er 2 strekdammen evenwijdig aan de rivier zijn aangelegd. Door de aanleg van kribben en strekdammen werd de zomerbedding smaller en kon het sneller stromende water allerlei ondiepten opruimen. Duidelijk wordt ook dat de eilanden een verschillende ontstaanswijze hebben meegemaakt. De Bol was een eiland en is door de aanleg van een strekdam een schiereiland geworden. In de Lekwaard is pas na de aanleg van de strekdam een een aanwas ontstaan.






Op deze foto is de scherpe grens van de strekdam tot aan de winterdijk goed te zien. De voormalige bedding, de Binnenlek, eindigt bovenstrooms in een (donkergroene) begroeiing bestaande uit riet met hier en daar een boom. Onderaan de foto heeft het riet alweer plaats gemaakt voor (lichtgroen) grasland.






Door de aanleg van de strekdam werd de bedding tussen het eiland en de winterdijk bij normale en lage waterstanden niet meer gebruikt als rivierbedding. Hierdoor werd de invloed van de getijdewerking groter. Rietgorzen onstonden langs de randen en de sedimentatie nam toe.






Vanaf de winterdijk heb je een prima overzicht over de Binnenlek. Afgezien van de seizoensaspecten met de daarbij behorende kleurverschillen heb je ook nog te maken met verschillen tussen eb en vloed.






Door de verschillen tussen eb en vloed geven zelfs meerdere bezoeken per dag weer nieuwe gezichtspunten. Het eiland De Bol staat ook bekend om zijn rivierduinen. Die zijn echter vanaf de winterdijk niet goed te zien. Via de strekdam kunnen we ze van dichterbij bekijken.






Niet alleen uit de lucht maar ook vanaf de grond vormt de strekdam een goed zichtbare buffer tussen de Lek en de rietgorzen in de verlande bedding. Bij hoge waterstanden in de rivier is het echter oppassen geblazen. Dan overstroomt de strekdam en is daardoor niet begaanbaar. Het eiland de Bol is dan niet bereikbaar.






Op het eiland is een afwisseling van erosie en sedimentatie zichtbaar. Op de voorgrond is te zien dat bij hoog water afkalving van de oever kan plaatsvinden. Om erger te voorkomen is een oeververdediging aangelegd. Op de achtergrond zijn de duinen zichtbaar.






Deze metershoge duinen zijn uniek voor de provincie Utrecht. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de provincie Utrecht in 2001 dit gebied met Binnenlek en het voormalige eiland met zijn rivierduinen tot Aardkundig Monument heeft benoemd. De diversiteit en de leesbaarheid van de ontstaanswijze rechtvaardigen dit. Staatsbosbeheer mag trots zijn op haar aardkundige bezittingen. Verantwoording: Luchtfoto’s: Henk Bol Grondfoto’s: Wim Hoogendoorn W. Hoogendoorn. Waar de blanke top der duinen … Oud Utrecht mei/juni 2000


De Grebbeberg


In 1995, het Europees Natuurbeschermingsjaar, werden veel projecten op het gebied van natuur en landschap uitgevoerd. Een heel bijzonder initiatief werd genomen door de provincie Utrecht. Zij stelde de niet-levende natuur centraal met haar idee om een landelijk netwerk te ontwikkelen van Aardkundige Monumenten. Uiteraard werd daarbij begonnen in de provincie Utrecht. Als eerste aardkundig monument werd door gedeputeerde Staten de zuidflank van de Grebbeberg benoemd.

De Grebbeberg is de zuidelijke punt van een tientallen meters hoge stuwwalrug, die in een boog van Amersfoort naar Rhenen loopt.. Deze stuwwal is zon 150.000 jaar geleden gevormd door honderden meters dik landijs dat langzaam van Scandinavië naar Nederland "stroomde". Ooit liep de stuwwal nog verder naar het zuiden om vervolgens weer naar het noorden om te buigen en aan te sluiten op de stuwwal van Ede - Wageningen.

Door het woeste water van de Rijn werd de zuidelijke punt van de stuwwalboog langzamerhand weggeslagen en naar zee getransporteerd. Wat overbleef was een zeer steile helling voor Nederlandse begrippen. We denken immers vaak dat Nederland zo plat is als een pannenkoek. Via een bielzen trap kunnen we de steile helling beklimmen en bij goed weer boven van een prachtig uitzicht over het rivierengebied genieten.

> Lees meer