Oostburg: moernering


Spaarnwoude


Net ten oosten van Haarlem ligt de gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude. Op de kaart is een scherpe overgang te zien tussen stad en platteland. Als we rijden op de Lage Dijk, bij punt 1 op de kaart, zien we in het oosten Spaarnwoude liggen.

> Lees meer

Oostburg: moernering

23 oktober 2012

Tijdens onze vakantie in Zeeuws Vlaanderen had ik de Geomorfologische Kaart van het gebied bij me. Op die manier kun je attent gemaakt worden op interessante aardkundige fenomenen. (zie bv Aardenburg: dekzandrug op deze site) Nu vielen de mij onbekende codes 3L26 en 3L27 op. Dat bleken welvingen in plaatselijk gemoerde getij-afzettingen te zijn, die bij 3L27 intussen al geegaliseerd zijn. Denkend aan een artikel van Cees Laban van enkele jaren geleden in G&H over moernering, waarbij het moeilijk was om goede illustraties te krijgen, leek me dat een leuk plekje om eens te bekijken.




Klik, klik, klik etc.

Op Google Earth, een zeer dankbare hulpbron bij onze vakanties, waren nog wel wat afwijkingen te zien in de Veerhoekpolder, iets ten westen van Oostburg. Deze afbeeldingen zijn al een paar jaar oud dus we waren wel benieuwd of er nog wat te zien zou zijn. Ruilverkavelaars zijn in Zeeland op vele plaatsen meerdere keren aan de slag geweest. Dat betekent meestal grootscheepse egalisatie, hoewel onderop de foto waarschijnlijk weer relief is toegevoegd op een golfterrein. Bij de fotopunten 1 en 2 op de luchtfoto hadden we beet.




De Veerhoekpolder met fotopunten op Google Earth

Moernering is een activiteit uit de Middeleeuwen waarbij men, door het verbranden van veen, zout probeerde te winnen. Dat veen moest dan natuurlijk wel met zeewater doordrenkt zijn geweest, maar aan de andere kant zal al te veel klei in het veen wel ongewenst zijn geweest. Een dergelijk afgegraven veengebied leverde een pokdalig landschap op met chaotische hoogteverschillen. Dergelijke hoogteverschillen belemmeren het agrarisch gebruik en daarom zijn veel van deze gebieden in de loop der tijd, en zeker bij een ruilverkaveling geegaliseerd.

De volgende vijf afbeeldingen worden vanwege het overzicht gevolgd door een gemonteerd panorama. Op de eerst foto is te zien dat het perceel op de achtergrond een biljartlaken is geworden.




Panorama: foto 1

Het perceel op de voorgrond heeft wel hoogteverschillen. Die zijn op de foto het best zichtbaar bij de perceelsgrens.




Panorama: foto 2





Panorama: foto 3





Panorama: foto 4





Panorama: foto 5

Dit panorama, samengesteld uit de vorige plaatjes, is genomen bij fotopunt 1. Door de lage resolutie bij het panorama zijn de details wat minder goed te zien, maar in combinatie met de voorgaande losse afbeeldingen wordt het pokdalige oppervlak van het middengedeelte ten opzichte van de omringende geegaliseerde percelen duidelijk.




Panorama foto 1 tm 5

Hier nog een panorama dat 50 meter verder op het landweggetje is genomen om het geheel uit een iets andere hoek te kunnen bekijken.




Panorama bij fotopunt 2

Inzoomen levert een wat duidelijker beeld op.

Het was wel een mooi punt om nog iets te kunnen beleven van het oude landschap. Je zou daarbij haast vergeten dat moernering, en het resultaat daarvan, in onze tijd opgevat zou worden als grootschalige aantasting van het oorspronkelijke, natuurlijke landschap.




Detail van voorgaand panorama

Afbeeldingen: BOHOteam


De Grebbeberg


In 1995, het Europees Natuurbeschermingsjaar, werden veel projecten op het gebied van natuur en landschap uitgevoerd. Een heel bijzonder initiatief werd genomen door de provincie Utrecht. Zij stelde de niet-levende natuur centraal met haar idee om een landelijk netwerk te ontwikkelen van Aardkundige Monumenten. Uiteraard werd daarbij begonnen in de provincie Utrecht. Als eerste aardkundig monument werd door gedeputeerde Staten de zuidflank van de Grebbeberg benoemd.

De Grebbeberg is de zuidelijke punt van een tientallen meters hoge stuwwalrug, die in een boog van Amersfoort naar Rhenen loopt.. Deze stuwwal is zon 150.000 jaar geleden gevormd door honderden meters dik landijs dat langzaam van ScandinaviŽ naar Nederland "stroomde". Ooit liep de stuwwal nog verder naar het zuiden om vervolgens weer naar het noorden om te buigen en aan te sluiten op de stuwwal van Ede - Wageningen.

Door het woeste water van de Rijn werd de zuidelijke punt van de stuwwalboog langzamerhand weggeslagen en naar zee getransporteerd. Wat overbleef was een zeer steile helling voor Nederlandse begrippen. We denken immers vaak dat Nederland zo plat is als een pannenkoek. Via een bielzen trap kunnen we de steile helling beklimmen en bij goed weer boven van een prachtig uitzicht over het rivierengebied genieten.

> Lees meer